Verlangen naar de jaren tachtig

Al de hele week zit New Gold Dream van Simple Minds in mijn hoofd. Eén van de meest iconische nummers uit de jaren tachtig, als je het mij vraagt. Een plaat die staat voor een gevoel van een komende omwenteling. Een jeugdige onbevangen positieve verwachting. Een verlangen naar nog te ontdekken horizonten, en meer van dergelijk lyrisch gedoe.

Steeds wanneer ik New Gold Dream hoor, bezorgt het me hartkloppingen. Letterlijk. Alsof je op zaterdagavond klaar staat om uit te gaan en uitkijkt naar wat komen gaat. Alleen al de woorden New Gold Dream en de upbeat melodie zijn  genoeg.

Er staan perfect geremixte studio-opnamen van dit nummer op YouTube. Voor mij moet het echter een versie uit 1984 zijn. Compleet met lelijke jaren tachtig kleding, technodeuntjes, rommelige opnamen en gebrekkige geluidskwaliteit. Dat hoorde er ook bij in die tijd. De eerste vier minuten zijn het beste.

Advertenties

Terugblik en pareltjes op de lijst

Al weken voeg ik trefwoorden toe aan de 643 logjes op dit blog. Dit past goed bij een gangbare eindejaars activiteit. Namelijk lijstjes maken. Terugblikken, herinneren, nadenken, opschonen of er in de toekomst weer wat mee doen. Zo passeert vier jaar van mijn leven in detail. Een periode vol gemoedsrust volgde op een tijd met grote financiële onzekerheid. Sommige berichten over toenmalige actuele zaken zeggen nu weinig meer. Maar ik vind ook pareltjes terug, die tijdloos blijken.

Onze samenleving
De inhoudelijk beste stukken schreef ik uit verontwaardiging, voortkomend uit betrokkenheid. Meestal gaan die over een leefbare samenleving. Dus over hoe mensen met elkaar en het milieu omgaan. En over het blinde geloof in de noodzaak van economische groei. In de beginperiode van Raam Open droeg ik constructieve ideeën aan die nog steeds toepasbaar zijn. Soms sloeg ik de plank mis.

Verrassingen
De leukste logjes vind ik de anekdotische, uit het leven gegrepen verhaaltjes met onverwachte wendingen. Meestal gaan die over mensen onder elkaar. Volgers vragen weleens of bepaalde voorvallen werkelijk plaatsvonden. Want ik voeg fantasie en theatrale elementen toe. Maar neem dit gerust aan: hoe bizarder, hoe echter.

Fantasy of niet
Niet voor niets is het logje Franse topkwaliteit commercials een van mijn all time favorieten. Hierin komt alles samen waar ik van hou, hoe logisch en tegenstrijdig ook. Video-artiest Jonathan Lagache is de maker van de gelinkte commercials. Zijn achternaam zit tussen die van mijn Franse voorouders, dus fantaseer ik graag over een verband. Over verbanden gesproken. In de video Peugeot Onyx Concept Car van Jonathan zie ik lijntjes naar onderstaand ijslandschapje op mijn dakraam. En zijn video met Lana del Rey mag zeker in de eregalerij.

Een bijna hysterisch dagje Deventer

Deze zondag wil ik naar Deventer gaan. De zon schijnt. Ik check of er wat te beleven valt en zie dat er kerstmarkt is. Leuk. Dan loop ik een stukje langs de IJssel en pak ik het oude stadscentrum met die markt gelijk mee. Bij aankomst is het wel wat druk op het station. Is die kerstmarkt hier zo populair dan? Buiten begint er iets te dagen: Dickens Festijn. Nou prima, dan gaan we daar ook heen.

Ik ben ooit eerder naar dat festijn in Deventer geweest, ergens begin jaren negentig. Het was toen een gemoedelijke boel. Je kon op je gemak overal door de binnenstad slenteren. Mensen in historische kostuums zongen liedjes, bootsten oude ambachten na en zorgden voor vertier. Zou dat nu weer zo zijn?

Bij de stoplichten voor het station staan twee verkeersregelaars. Ze houden rood-witte linten voor het zebrapad. Iedereen wacht rustig tot het licht op groen springt en die twee opzij gaan. Even verderop neonletters in een lichtkrant: ‘Wachttijd Dickens Festijn 1 uur.’ en ‘Pas op uw tas’. Jee, wachten, waarom dan?, denk ik nog. Verderop in de straat staan hele rijen dranghekken. Krijg nou wat.

Kort na het begin van de hekken worden we een zijstraat in geleid, en dan weer met een bocht terug richting de straat waar we net vandaan gekomen zijn. Het lijkt hier Schiphol wel. Wat ís dit?! Met stijgende verbazing loop ik door, te midden van een steeds verder indikkende rij mensen, tot iedereen vast komt te staan. Lees verder “Een bijna hysterisch dagje Deventer”

Een tikje op zoek naar balans

Al jaren ben ik een groot fan van Esther Gerritsen en haar column over milde psychische tikjes. Daarbij beschouwt zij steevast zichzelf als onderzoeksobject. Weinig mensen kunnen zo fijnzinnig, zachtaardig, eerlijk en realistisch humoristisch hun eigen gedachten ontleden en definiëren. Een voorbeeld uit een recente VPRO gids.

‘Ik heb pijn aan mijn knie. Ik kijk er naar en zie rode krassen. Ik vermoed dat ik jeuk had en toen te hard heb gekrabd. Ik sla mezelf op mijn knie.
Dat verbaast me, maar niet lang. Ik begrijp al snel dat ik dacht dat ik niet zou moeten krabben, en dus die ingebeelde, krabbende hand meteen een mep gaf, waardoor de knie een onverdiende klap kreeg.
Zo lopen op het minuscuulste niveau werkelijkheid en fantasie door elkaar. Niet in een chaotische bende, maar in een prima te volgen logica. Ik mep mezelf alleen met reden.’

Sinds mijn verhuizing doe ik iets nieuws. In Sir Edmund van de Volkskrant staan elke week de winnaars van verschillende puzzels. Er moet van mij altijd iemand bij staan uit Leiden of omgeving (mijn vorige woongebied) én iemand uit de buurt van Arnhem. Dat is zonder uitzondering het geval. Zelfs al moet ik het wat verderop zoeken. Den Haag en Nijmegen reken ik deze keer ook goed.

Surreëel

In de middag wandel ik naar beneden, richting de rivier.  De straten kronkelen hier. Alles loopt schuin af: de weg, de stoep. Ook de huizen staan hoog op een steile helling, vrij in hun privé-tuinen. Over de schuine kruising waakt het statige La Colline, een grijze fin de siècle villa. Compleet met louvre deurtjes als raamluiken. Verderop in de diepte staat een half vervallen werkplaats. De naamschildering van het bedrijf dat er ooit zat, vervaagt. Overal zie je muurtjes met weelderige begroeiing. Echt, je waant je ’s zomers in een Frans plattelandsdorp hier.

Vrijwel geruisloos komt hij ineens tevoorschijn. Zwart, glanzend en traag sluipend als een roofdier. Een zwarte panter. En weg is ‘ie weer. Surrealistisch, of toch niet?

Pas seconden later realiseer ik het mij. Dit was geen panter, maar een jaguar. Die wonen hier. Dit is hun natuurlijke biotoop. Ze verblijven onder de bordjes ‘Jaguar parking only’.

Fantasierijk geheugen

Toen ik aan het onderzoek naar mijn voorouders begon, viel mij al op hoe snel er gaten vallen in overgedragen verhalen uit het verleden. Vorig jaar vertelde mijn vader over zijn eigen jeugd. In de koude winter van 1946/1947 was hij twaalf jaar. Zijn school bleef een poos gesloten omdat de brandstof voor verwarming op was. In die periode kon hij leuk bijverdienen door bestellingen rond te brengen voor de bakker. Met een slee trok hij naar afgelegen boerderijen buiten het dorp. Het geld dat hij daarmee verdiende, mocht hij houden. Dat vertelde hij op 28 augustus 2016.

Ik weet dit zo precies, omdat ik zijn woorden direct na ons gesprek op schrift heb gesteld. Aantekeningen maken is de enige manier om iets accuraat te onthouden. Ik ken mijn geheugen en weet hoe onbetrouwbaar het is. Maar volgens mijn moeder is het verhaal toch gedeeltelijk onwaar. Zij beweert dat mijn vader zijn verdiensten moest afdragen. Want hij groeide op in een groot katholiek gezin dat het geld goed kon gebruiken. Lees verder “Fantasierijk geheugen”

Dromen van een ander leven

Vanmorgen hoorde ik Love for love van Robin S. op de radio. Volgens de dj woont deze zangeres in New York, maar is ze daar als artieste vrijwel onbekend. In de jaren negentig scoorde ze vooral in Europa met die hit. En tegenwoordig werkt ze op een financiële afdeling van een of ander bedrijf. Tussendoor treedt ze nog altijd op. Stel het je eens voor.

Op vrijdagmiddag vragen jij en je collega’s aan elkaar wat jullie het komende weekend gaan doen. ‘Een nieuw bankstel uitzoeken met mijn vrouw’, zegt de een. ‘Naar schoon- moeder’, zegt de ander. En je manager gaat met zijn auto op zaterdag door de wasstraat. Dan vragen ze aan jou wat je van plan bent. ‘Nou,’ zeg jij dan, ‘ik moet even op en neer naar Europa. Want ik heb een optreden voor 18.000 man op een festival in Birmingham. Maar maandag ben ik weer terug, hoor. Om 9.00 uur zit ik hier op kantoor.’

Wie droomt er soms niet van zo’n ander leven naast alle dagelijkse bezigheden? In mijn pubertijd hoopte ik steeds dat ik ooit heel goed zou kunnen zingen. Het wachten was alleen nog op een professional die de mogelijkheden van mijn stem zou ontdekken. In gedachten zag ik mezelf al staan als leadzangeres. Op het podium danste ik natuurlijk fantastisch. Ach, en mijn uiterlijk. Ik kon feitelijk zo aan de slag als fotomodel.

Menige dance video uit de jaren negentig wakkert zulke gedachten aan. Want die tonen steevast sensueel bewegende schoonheden met prachtige stemmen. Zouden zij nu ook allemaal op kantoor werken?